Patroonanalyse

Evaluatie methoden

Er bestaan verschillende scoringssystemen om te helpen om op een systematische manier tot een goede evaluatie te komen van het dermatoscopisch beeld. Veel gebruikte systemen zijn o.a.:

• ABCD (Stolz)

• 7-punten systeem (Argenziano)

• Patroonanalyse (Kittler)

Ze zijn allemaal gericht op het onderscheid tussen een benigne en maligne laesie wat vervolgens leidend kan zijn in het besluit tot geruststelling van de patiënt, excisie of follow-up van de laesie.

Je kunt in feite elk systeem gebruiken voor je evaluatie want geen van deze systemen is superieur. Echter het is wel van belang om met elkaar af te spreken welke taal je spreekt om verwarring te voorkomen. Bij elke methode worden andere termen gehanteerd. Sommige termen zijn sec beschrijvend , andere termen vooral metaforisch.

Binnen dit platform is ervoor gekozen om de patroonanalyse van dr. H. Kittler te hanteren.

Deze methode is erg geschikt voor de toepassing in de huisartsenpraktijk en deze methode wordt momenteel ook gedoceerd binnen de eerste lijn in Nederland (De groene vlaggen cursus). Hierover is in oktober 2015 een mooie uitgave verschenen van de Nederlandse Vereniging voor Dermatologie & Veneorologie (NVDV), namelijk de huisartseneditie Thema ''Groene vlaggen in de huisartsenpraktijk''.

De patroonanalyse

De strekking van de patroonanalyse is bekend. Ter opfrissing volgt hier een beknopte samenvatting.

Patronen + kleuren + aanwijzingen leiden tot de voorkeursdiagnose

1. Patronen

Er zijn 6 basisstructuren die patronen (A tm F) vormen.

De basisstructuren zijn:

  • Lijnen
  • pseudopodia
  • cirkels
  • klodders (clods)
  • stippen of puntjes (dots)
  • structuurloos

De lijnpatronen zijn:

  • A reticulair
  • B vertakt
  • C angulair (hoekig)
  • D parallel
  • E Radiair
  • F Gebogen

2. Kleuren

De kleuren geven het substraat (bloed, pigment, keratine) aan en het niveau in de huid.

  • Geel duidt op keratine in het stratum corneum
  • Zwart duidt melanocyten in de epidermis
  • Licht en donkerbruin duidt op melanocyten die zich bevinden op de overgang van de epidermis naar de dermis (junctie)
  • Wit duidt op verlittekening, regressie, collageen vorming (bij maligniteiten aanwezig). Dof wit kan ook duiden op pus.
  • Blauw duidt op melanocyten in de dermis of erytrocyten in een vasculaire laesie
  • Rood betekent vascularisatie , ulceratie
  • Grijs duidt op melanocyten in de bovenste dermis (alleen bij vlakke laesies)

3. Aanwijzingen

Een aanwijzing is een kenmerk dat leidt tot een voorkeursdiagnose.

  • Patroon (of speciale verdeling ervan). Bijvoorbeeld de blue naevus die structuurloos blauw is.
  • Typische kleur. Bijvoorbeeld de kleur rood van een angioom.
  • De combinatie van patroon en kleur. Bijvoorbeeld het dermatofibroom dat centraal wit structuurloos is en in de periferie reticulaire lijntjes bevat
  • Een karakteristiek patroon van vaten. Bijvoorbeeld de vertakkende vaten zoals die te zien zijn bij een basaalcelcarcinoom
  • Afwezigheid van een kenmerk zoals bijvoorbeeld het angioom dat alleen klodders bevat die gescheiden worden door witte lijnen en verder geen andere kenmerken bevat.

Samengevat ziet een analyse van een beeld er volgens de patroon analyse als volgt uit:

Voorbeeld casus

PT, 71 jaar komt met deze nieuwe laesie op de arm.

Patronen: Klodders en stippen en structuurloos

Kleuren: wit geel en rood

Aanwijzingen zijn: > 1 kleur, klodders en stippen en ulceratie

Diagnose: M. Bowen

0